Kathmandu, Nepal

Super sportief in Nepal

20 mei 2012 - Kathmandu, Nepal

 

Tijdens onze eerste dag in Nepal merkten we direct dat het hier een stuk rustiger op de wegen is dan in India. Dit rijdt toch een stuk ontspannender. Vanwege een tip die we hadden gekregen reden we eerst naar het Bardia park op zoek naar de Kingfisher lodge.  Eenmaal in de omgeving troffen we een jongen die er werkte en met ons mee wilde rijden.  Eerst een klein stukje achteruit. Hij vooral geconcentreerd op de vele kinderen rondom Wobbel, zag de bus achter hem niet. Een heel licht boemetje liet zich horen van achteren. Het is dan wel niet druk op de weg maar de openbaar vervoer bus stond wel horizontaal over de weg geparkeerd. Veel mensen bemoeide zich ermee en uiteindelijk bevestigde iedereen dat er niets aan de hand was en dat we konden vertrekken.  Na 18 kilometer over een onverharde weg kwamen we bij de Kingfisher lodge aan. We zaten goed en wel aan een drankje toen er twee brommers vol met jonge mannen arriveerde. Dit bleek oa de eigenaar van de bus te zijn en tot onze verbazing bleek er nu ineens wel schade te zijn. Na wat heen en weer gepraat ging Jack (de eigenaar van de logde) samen met hem op de brommer terug naar de hoofdweg. Er was een stukje van de doorgeroeste bumber afgebroken en volgens de chauffeur kwam dit omdat Wobbel de bus geraakt had. Na aardig wat onderhandelen betaalde hij 20 euro om ervan af te zijn.

Jack is behalve de eigenaar van de logde ook gids in het Bardia Nationaal park. Zijn vriendin vertelde s´avonds dat Jack met dieren kan communiceren en noemde een aantal voorbeelden. Nieuwsgierig geworden besluiten we de volgende dag mee te gaan op een 8 uur durende wandel safari.  Wanneer we een kudde Antilopen tegenkomen doet Jack een waarschuwingsgeluid voor gevaar na en de hele kudde slaat gelijk op hol. Niet veel later komen we bij een plas waar twee neushoorns in liggen de badderen.  Dit keer maakt Jack een soort briesend geluid wat de neushoorns op doet springen. Even lijkt het erop dat  één ons aan wil vallen en we rennen geschrokken weg. De neushoorn komt ons gelukkig niet achterna.  De safaritocht leidt ons door droge rivieren en groene bossen. Tijgers kwamen we helaas niet tegen maar wel veel mooie vogels en vreemde insecten. We bleven een paar dagen bij Jack en zijn franse vriendin. Samen met ons waren er nog een aantal backpackers die niet weg konden vanwege een staking. De Nepalezen schijnen nogal veel stakingen te hebben en dan rijdt er geen bus meer en worden de hoofdwegen geblokkeerd. Volgens Jack ging deze staking om betere scholen. Een van de toeristen zegt er al sinds nieuwjaar vast te zitten. Dit komt op ons wel heel erg lang over totdat we horen dat 14 april het jaar 2069 is begonnen in Nepal.  (Ziet zij er toch nog niet zo heel slecht uit voor een 100 jarige..)   We brengen een paar gezellige avonden rond een kampvuur door met leuke verhalen en Jembe muziek.                                                                                                                                                                                    Dan krijgen we een mail van Wolfi en Verena, een Oosterijks stel wat we eind vorige jaar in India ontmoet hebben. Ook zij zijn onderweg naar Nepal met hun truck en vragen ons of we een trektocht door de bergen met ze willen maken voordat het regenseizoen begint. Daar hebben we wel zin in en we spreken af elkaar in Kathmandu te ontmoeten. Onderweg komt er ineens rook onder zijn stoel vandaan. Snel stopt hij de auto, springt eruit en blaast het vuur uit. Het blijkt de de bedrading van de oude radio te zijn die tegen de accu aankwam. We zijn er behoorlijk van geschrokken en willen het goed nakijken. Bij een weiland met 2 huizen vragen we of we daar kunnen overnachten. De bewoners ontvangen ons vriendelijk en we krijgen direct thee aangeboden. De Nepaleze familie lijkt  onze aanwezigheid wel gezellig te vinden en kletsen heel wat af.  Nadat we ervan overtuigd zijn dat de bedrading geen kwaad meer kan rijden we de volgende dag verder richting Kathmandu. In de bergen gaat het niet zo hard en we zoeken weer naar een mooi overnachtingsplekje. Dit vinden we aan de rivier. We parkeren Wobbel en dan komen er net een aantal rafters uit het water. Ashok, de manager, is erg geinteresseerd in onze reis en we raken aan de praat. Al snel heeft Ashok ons warm gemaakt voor een rafttrip de volgende dag. In de vroege ochtend haalt Ashok ons op en we liften met z´n drieen naar de startplaats. De rivier heeft een aantal leuke snelle stukken en daar tussen door dobberen we rustig op het water. Nadat Ashok ons meeneemt voor thee bij zijn camping aan de rivier, worden we weer netjes thuis bij Wobbel afgezet.

Na twee heerlijke rustige nachten aan de rivier rijden we naar de hoofdstad van Nepal. Vlak voordat we er zijn komen we nog twee Nederlandse meiden met een jeep tegen. Madelon en Suzanne zijn onderweg van Singapore naar Nederland. Ook zij zijn onderweg naar Kathmandu en gaan het zelfde hotel waar we op de parkeerplaats kunnen staan. Het weerzien met Wolfi en Verena was erg leuk en niet in de laatste plaats met Apollo, hun Dobberman-Rotweiler hond. Kathmandu zelf is een drukke, vieze stad. Er loopt een rivier doorheen die vol met afval ligt en enorm stinkt. De keren dat we naar de stad liepen, hielden we onze neuzen dicht als we over de brug heen gingen. Meerdere malen zagen we mensen tot hun knieen in de rivier tussen de rommel zoeken. En we zagen zelfs een keer iemand de afwas in deze rivier doen. Onvoorstelbaar en we hopen dat we niet in het restaurant van deze man gegeten hebben!!                                                                                                                                                    Het was ook weer tijd voor een beurt voor Wobbel. Voordat we gingen wandelen brachten we Wobbel naar de garage en waar ons huisje tijdens onze afwezigheid ook mooi gestalt kon worden.   Met vier volwassenen en 1 hond reden we met de taxi naar het startpunt voor de Helambu trek. Deze zouden we combineren met de Langtang trek wat ons naar schatting ongeveer 14 dagen zou kosten. De eerste dag was direct behoorlijk pittig omdat we steile trappen moesten nemen. Hij met 11 kilo en zij met 8 kilo op de rug.  En ook Apollo had een ruzakje met zijn voer erin. De hele trek leverde deze aanblik ons een hoop aandacht op.                                                                                          Een toerist die de andere kant op ging maakte ons erop attent dat we de moeilijke route gekozen hadden. Daar wisten we niets van en toen dachten we nog dat dat wel mee zou vallen. We waren erg blij toen we vlak voor het donker het eerste dorpje met hotels bereikten. Een kamer kostte 1 euro per nacht en meer was ie eigenlijk ook niet waard. Na een nacht slecht slapen vanwege feestende Nepalezen vertrokken we de volgende ochtend vroeg. Wederom moesten we hele steile bergen beklimmen, al dan niet voorzien van trappen. Van te voren waren we een beetje bezorgd over onze conditie. En we hijgden ook als oude paarden maar toch deden we het niet slecht voor twee onsportieve kettingrokers. Hij liep eigenlijk constant voorop, ondanks het feit dat hij er de meest ongezonde levenstijl op nahoudt van ons viertjes. Bovenaan een helling lokte hij haar met de belofte van een kus omhoog. En een enkele keer kreeg zij het voor elkaar om dit andersom te doen. Langzaam maar gestaag kwamen we steeds hoger en steeds meer in onbewoond gebied. Na weer een hele stijle helling kwamen we bij een eenzaam hotelletje waar we stopten voor de lunch. Allemaal waren we geradbraakt en hij had last van zijn heup. Zij voelde de eerste blaren opkomen en zelfs Apollo leek het genoeg te vinden. De eigenaresse van het Hotel (Bibi) kookte heerlijk en haalde ons over de nacht daar te blijven. Tijdens het eten gaf Bibi haar onverwachts een heerlijke schoudermassage en na een korte onderhandeling over de prijs was het beslist. De kamers leken meer op een paardenstal dan op een hotel maar het was er in ieder geval schoon. Er zaten geen deuren in en de muren reikte niet tot het plafond zodat de privacy minimaal was. In de avond werd het koud en ging de houtkachel aan waar we samen met Bibi en haar man gezellig om heen zaten. Na een stevig onbijt moesten we onze lijven wederom omhoog slepen. Dit keer was dat echter niet zo lang. We liepen door een geweldig mooi bos met bloeiende rodondenderons en genoten van de fluitende vogels.  In de namiddag werd het bewolkt en vlak voordat de bui losbarstte kwamen we in een piepklein dorpje met hotels. Het enige hotel wat open was had nog maar één kamer. Aangezien er wel  4 bedden instonden vonden we het wel prima. Het was koud en geen kachel zodat we vroeg onder de dikke muffe dekens kropen.  Tijdens het ontbijt scheen de zon weer en zagen we de eerste bergen met sneeuwtoppen. We kregen het ritme wat meer te pakken en liepen uren omhoog, omlaag en weer omhoog. De bergen werden kaler en de temperatuur lager naarmate we hoger kwamen.                                                                                                                                                                  De volgende lodge had gelukkig wel weer een kachel. In de rug bleef het echter koud want de wind gierden door de kieren heen. In de verte zagen we al de top liggen waar we overheen moesten en dat leek nog een behoorlijk eind weg. Door diepe dalen en over hoge toppen, die gevoelsmatig andersom werkten.....                                                                                                                                                       Voordat we de top van 4700 meter overgingen overnachten we op 3700 om een beetje aan de hoogte te wennen. Dit hotel werd gerund door een 17 jarige jongen (Baba) die gouden handen in de keuken had. Terwijl we samen met Baba mexicaantje speelde begon het te sneeuwen. We zagen niets meer door de ramen en de wind gierden om het slecht geisoleerde gebouw heen. Hij haalde wat stenen om op de kachel te leggen zodat we die s´nachts als kruik konden gebruiken. Door de sneeuwstorm heen kwam een paar uur later de Engelse Tom binnengeslingerd. Tom was alleen op pad en volledig doorweekt. Al snel speelde ook Tom mee en hadden we een erg leuke avond in de vrieskou. De slaapkamers in de hotels zijn overal een beetje hetzelfde, houten wanden met kieren waardoor je bij de buren naar binnen kunt kijken. Alle geluiden dringen zo hard door dat zij een paar keer dacht dat hij lag te snurken maar dan bleek het Wolfi of Apollo in de kamer ernaast te zijn.                        Iedereen sliep een beetje slecht. Vanwege de hoogte , de spanning voor de top en alle geluiden. Tom besloot om met ons verder te lopen. Door de sneeuw liepen we in trage pas omhoog. Hij werd behoorlijk duizelig en kreeg hoofdpijn. De eerste verschijnselen van hoogte ziekte. En ook bij haar tolde het nogal. Moe maar erg voldaan bereikte we het hoogste punt van de pas. Daarna ging het een stuk makkelijker omdat we die dag alleen nog maar naar beneden hoefden. We kwamen weer door een prachtig gebied met meertjes waar de sneeuwtoppen in reflexteerde. Veel lager gingen we die dag niet en dit leverde hem weer een slapeloze nacht op. Door het zuustof gebrek op die hoogte was zijn ademhaling erg moeizaam. De volgende dag dus snel verder naar beneden. We hadden de Helambu trek afgerond en gingen gelijk door naar de Langtang trek. Het werd ook direct drukker met wandelaars. Tot onze verassing kwamen we tegenliggers tegen die ons om de hals vlogen. Het bleek een Frans stel te zijn dat we vorig jaar in Ethiopie ontmoet hadden. We kregen allerlei goede tips voor hotels onderweg en voorzagen hen van hetzelfde. De langtang trek was iets makkelijker dan de Helambu of we waren ondertussen gewoon wat beter getraind. Doordat we eerst een heel stuk naar beneden gingen kwamen we weer in een bosrijk gebied terecht. Overal zaten knusse hotelletjes verstopt. Omdat het seizoen bijna afgelopen was konden we overal de kamer voor niets krijgen en 20 tot 30% korting op de rekening voor het eten en drinken. Op deze trek was er iets meer te krijgen zoals kaas, yoghurt en in een dorpje zelfs heerlijke appeltaart!  Daardoor kwamen we onderweg ook veel Nepaleze dragers tegen. Met 2 zakken rijst van 30kg per stuk en een rugzak op de rug. We hebben zo een vermoeden dat er geen Nepaleze ARBO dienst bestaat....

Overdag liepen we lekker op ons gemakkie. Een paar uur voor de middag, dan een uitgebreidde lunch en na de middag nog een paar uur wandelen. Ook hier waren de steile hellingen toch echt wel steil. Met de juiste muziek op de Ipod vloog zij echter omhoog. We waren op weg naar een hoog gelegen vallei waarvandaan we nog wat dagtrips wilden doen. Eenmaal aangekomen in Kyanjin Gompa, op 3800 meter hoogte, kreeg hij weer last van duizeligheid en slapenloosheid. Na de hele nacht rechtop in bed gezeten te hebben besloot hij om niet mee te gaan op de dagtrip naar 4984 meter. Met Verena, Wolfi , Apollo en Tom ging zij in alle vroegte op weg naar de berg Tsergo Ri. De afgelopen dagen had zij haar rugzak aardig wat keren vervloekt vanwege het gewicht. Gek genoeg voelde het nu ineens heel onstabiel aan om zonder te lopen. Vanaf de voet van de berg zonk de moed wat in de schoenen. Het was wel erg hoog! Onderweg dacht ze dan ook een paar keer dat ze het niet zou redden. Allemaal hijgden we enorm en we namen de tijd. Wolfi probeerde hem nog af en toe te vervangen door op zijn beste Nederlands `kom op, meisje´ te roepen. Uiteindelijk kwamen we 4 uur later aan de top. Op slag waren we onze vermoeidheid vergeten. We konden 360 graden om ons heen kijken en waren overweldigd door dit natuurschoon. Het zonnetje scheen waardoor we ruim een uur op de top van het uitzicht bleven genieten. Toen begon het bewolkt te worden en stak de wind zijn kop op. Naar beneden leek makkelijker dan het was. Omdat het zo steil was en zanderig moesten we goed opletten dat we niet uitgleden. Erg moe kwamen we terug maar het was zeker de moeite waard geweest. Zij stelde aan hem voor om direct een stuk verder naar beneden te lopen zodat hij zich ook wat beter zou voelen. Hij dacht het nog wel een nachtje te vol te kunnen houden waardoor zij de rest van de dag kon uitrusten.                                                                                                                          Ook Wolfi en Verena hadden het wel gezien in het koude dorp. Tom vertrok in de vroege ochtend om in één dag terug te lopen. Op ons gemakkie gingen wij de volgende dag terug van waar we gekomen waren. De hele terugtocht van de langtang trek verliep soepel zonder haast met vele gezellige rustpauzes. De sfeer in de dorpjes met vooral Tibetanen is erg ontspannen. Het viel een beetje tegen toen we aan het einde van de trek in een druk, vies stadje uitkwamen. Weg was de rust van de vogels en het bos. De volgende ochtend zouden we vandaar uit de bus terug naar Kathmandu pakken. Helaas er was weer eens een staking en de bus zou niet rijden. Er waren aardig wat toeristen die vast zaten in het stadje en het plan ontstond om gezamelijk een bus te huren. Met z´n twintigen stonden we vroeg in de ochtend bij de bus. Na aardig wat onderhandelt te hebben stemde de chauffeur uiteindelijk in. Er moest een papier met ¨alleen toeristen´ op de ruit geplakt worden en toen konden we vertrekken.  We zijn niet meer gewend aan het openbaar vervoer in dit soort landen en vooral zij deed haar best om zich niet op de weg met de scherpe bochten en diepe afgronden te concentreren. Het was een goede chauffeur en we werden veilig naar Kathmandu gebracht. We hadden al zoveel verhalen gehoord over overvolle bussen met van zich af kotsende Nepalezen dat we nu voor een beetje meer geld waarschijnlijk een veel prettigere rit hadden.  De staking was in volle gang en 6 km voor Kathmandu wilde de chauffeur niet meer verder rijden. De beste man was bang voor agressie van zijn collega´s. Het laaste stuk liepen we en voor ons bleek dit gelukkig maar 2 kilometer te zijn. We hielden vlak bij het hotel een taxi aan om ons naar de garage te brengen. We wilden zo snel mogelijk ons eigen huisje en bedje terug. Op de ringweg kreeg ook deze chauffeur het spaans benauwd bij de aanblik van de mensenmassa op de weg. Deze staking was gericht tegen het kasten systeem. Een zaak waar we zeker achter kunnen staan. Toch waren we niet heel blij met het feit dat we weer  een eind moesten lopen. Tot ineens om 17.00 uur de staking voorbij was. Een andere taxi bracht ons naar de garage waar Wobbel geduldig stond te wachten.

Terug bij het hotel wachtten Wolfi en Verena met een vezoek van Tom om samen in de stad te gaan eten. Na twee weken vegetarisch te hebben gegeten genoten we nu van een flinke steak terwijl we enthoustiast en trots over onze tocht in de Himalya kletsen.                                                                                               De drukte van de stad en de stank vliegt ons wat naar de keel. Nadat we hier wat beroemde tempels hebben gezien zullen we snel weer met ons Wobbeltje de natuur in duiken.....om even een poosje lui te wezen.

 

 

Onder video's een filmpje...

Foto’s

5 Reacties

  1. Gé en Regina:
    20 mei 2012
    Fijn om weer wat te horen van jullie, begonnen ons al zorgen te maken dat het zo lang duurde :-) .

    En petje af hoor... een tocht door de Himalaya... knap hoor.

    Groetjes uit Dreumel!
  2. Ad,Liesbeth,Nina en Puck:
    20 mei 2012
    Fijn om weer over jullie avonturen te lezen,we genieten hier weer mee!

    xxx
  3. Gerard en Dini:
    21 mei 2012
    Hallo Marja en Paul. Wederom een mooi en leuk verhaal. Succes verder en tot lezens. Groetjes uit het warme Mexico. Gerard en Dini
  4. Ursula:
    22 mei 2012
    Wat een bijzondere tocht, heb genoten van jullie verhaal en schitterende foto's! Die bergen en vlinders: WAUW!!! Liefs Xx
  5. Renate de Bie:
    30 mei 2012
    Wat een magisch mooie foto's weer, en geweldige avonturen, geniet!

    xx