Mae Sariang (stad), Thailand

Konvooi

16 maart 2013 - Mae Sariang (stad), Thailand

Terwijl wij nog een dagje aan het ontspannen waren kwam het konvooi binnendruppelen bij het hotel in Guwahati. Hij ving op de valreep nog een visje die we die avond dachten te braden. Er was echter een diner met alle leden van het konvooi. Een Indiër die zichzelf de koning van Noord Oost India noemt, had ons allemaal uitgenodigd. Tijdens een heerlijk buffet maakten we kennis met de leden van het Sea Brigde team. Totaal 25 voertuigen, waarvan een deel campervrachtwagens en het andere deel camperbussen zijn. De groep is al 4 maanden met elkaar onderweg van Duitsland naar Australie , de meesten zijn 65+.  Behalve Verena, Wolfi en wij ging er voor het Myanmar gedeelte nog een Engels stel mee. In een Honda Civic..... Tussen al die grote woning voertuigen zag hun tentje en autootje er nogal komisch uit.  In totaal bestond het konvooi voor deze rit dus uit 28 voertuigen.

De dag erna vertrokken we vroeg.  In de eerste twee provincies (Assam en Nagaland) konden we met een half uur speling vertrekken en zouden we niet echt in Konvooi hoeven rijden. We moesten alleen zorgen dat we ‘s avonds op de afgesproken plek zouden arriveren.  De Engelse Jon en Christine vroegen of ze achter ons aankonden rijden en zo reden we met z’n zessen de volgende dag rond half 8 weg. Het grootste gedeete van de dag reden we de weg die we al eerder hadden gedaan alleen nu een stuk sneller. Het was een ontspannen rit, we raakten alleen de Honda Civic voortdurend kwijt. Deels omdat deze niet opvalt in het drukke verkeer en deels omdat Jon steeds stopte om foto’s te maken. Onderweg werd ons halverwege een lunch aangeboden door dezelfde koning van Noord Oost India. Daar werden we als belangrijke gasten onthaald met muziek en dans. Wederom was erg een erg lekker buffet waar we vollop van genoten.  We bleven niet al te lang zitten want we hadden nog een eind voor de boeg. Tegen de tijd dat we het laaste stuk door de bergen moesten was het aarde donker. We zijn helemaal niet meer gewend om in het donker te rijden en we concentreerden ons vooral op de achterlichten van Wolfi en Verena.  Naar de parkeerplaats waar we zouden overnachten ging het nog even heel steil omhoog zodat zij alweer in de startblokken zat om eruit te springen en stenen te zoeken. Onze Wobbel gedroeg zich echter kranig en redde het op de laatste loodjes naar de top. Nadat we weer een gratis maaltijd aangeboden kregen lagen we doodmoe vroeg op bed. De dag erop gingen we de grens naar Manipur over, de laaste provincie van India. Daar werden we door Militairen begeleid en moesten we echt in konvooi rijden. We hadden er een beetje tegenop gezien om in het hectiche Indische verkeer door de bergen met 28 auto’s achter elkaar te rijden. Nu was het er gelukkig niet druk en het konvooi bleek goed op elkaar ingespeeld. Het was ook wel stoer om als een anderhalf kilometer lange slang door de bergen te rijden. In Manipur zouden we absoluut niet alleen mogen rijden omdat er rebellen zouden zijn. Het warme ontvangst van de lokale bevolking maakte dat een beetje moeilijk te geloven. Overal langs de kant van de weg stonden mensen lachend naar ons te zwaaien. En aan de grote hoeveelheid uniformen te zien, waren hele scholen uitgelopen om ons te begroeten. In de wat grote stad Imphal werd het hele verkeer door agenten platgelegd om ons doorgang te geven. Maar ook daar leken de wachtende automobilisten en brommerrijders enthousiast over onze aanwezigheid. Midden in de stad bivakeerden we op een Millitaire basis en mochten we alleen onder begeleiding een half uurtje boodschappen doen.

De volgende dag weer vroeg uit de veren om in konvooi naar de grens van Myanmar te rijden.  We waren uitgelaten. Na zoveel tijd gingen we dan echt richting  Zuid Oost Azie en we verheugden ons erg op Myanmar. Het land bestaat uit vele stammen waarvan de grootste stam Burmezen zijn. Tijdens de koloniale tijd heette het land Burma. Maar omdat de andere stammen daar niet blij mee waren heet het nu weer Myanmar (zoals het heel vroeger ook heette). En hierin wonen dus veel Burmezen die Burmees spreken. Tegelijkertijd zijn het ook Myanmarnezen want dit is het land waarin ze wonen....Om het effe allemaal overzichtelijk te houden.

Tegen half 4 kwamen we bij de grens aan. Alle formaliteiten werden voor ons geregeld en we hoefden zelf nergens aan te denken. Zaw, de Burmeze gids van de reisorganisatie uit Myanmar kwam aan met een map vol informatie over de te volgen route.

Aan de kant van Myanmar stonden mannen in spierwitte uniformen met onze paspoorten klaar. We hoefden alleen een krabbeltje te zetten en we waren erdoor.  Van Kostya, de Duiste reisleider, kregen we te horen dat we in het eerste stadje op elkaar moesten wachten. Daar kregen we een eerste indruk van Myanmar. Strohoeden, gezellige terrasjes  en vrouwen met gele strepen op hun gezicht. Een cominiatie van hout en klei wat als zonnebrand gebruikt wordt. Dolblij feliciteerden we elkaar en werden er knuffels uitgedeeld. We dachten vlakbij de stad te overnachten maar dit bleek van de regering niet te mogen. We moesten nog 180 kilometer rijden.... De eerste paar uur kon ons goed humeur niet stuk. We waren in Myanmar en ook hier werd er uitbundig naar ons gezwaaid. In 2004 schijnt er een verdwaalde Europeaan door Myanmar heen te zijn gegaan. Maar voor hem is het in de jaren 60 geweest dat er een westers konvooi doorheen is gegaan. We zagen mensen dansen,klappen en handkussen naar ons toewerpen. Een bijzondere hartverwarmende ervaring.  De weg was verder rustig met verkeer, we kwamen meer Duitste dan lokale auto’s tegen.  Toen kwam er een berg voor onze neus opdoemen en de weg werd slechter en slechter. Voornamelijk in de eerste versnelling stuurde hij Wobbel door de haarspeldbochten. Steeds een tikkeltje gespannen of we het zouden redden. De wetenschap dat er een aantal twaalftonners achter ons reden was wel een geruststelling. Mocht het niet op eigen kracht lukken dan merken die het niet eens als Wobbel erachter hangt. We redden het wel op eigen kracht omhoog en waren apen trots. Toen moesten we weer naar beneden en de avond begon snel te vallen. Wolfi en Verena haalden ons in zodat we weer een houvast hadden aan hun achterlichten. Rond negen uur kwamen we dan eindelijk doodmoe op de plaats van bestemming aan. We hoorden nog bij de vroegere vogels want de laasten waren er rond middennacht. De feeststemming van het de grens overgaan was tegen die tijd door de vermoeidheid  helaas wel een tikkeltje verdwenen.. ...

En weer rinkelde de wekker vroeg de volgende ochtend.  Dit zou het grootste gedeelte van onze trip door Myanmar zo zijn. De Duiters hadden elke dag een bijkomst waarin informatie werd gegeven en vragen konden worden gesteld. Soms hield Zaw een praatje wat dan weer in het Duits werd vertaald. Daarnaast was er elke morgen een papier met uitgebreidde informatie over de planning van de dag en de bestemming. Ons Duits was een beetje vastgeroest en er moest nodig wat geoefend worden.

De bestemming werd in de vorm van GPS codes aangegeven en deze werd voor een ieder op een USB stick aangeleverd.  Omdat we in Myanmar echt niet van de geplande route afmochten werd er aan Verena en Wolfi een GPS en een walkie talkie uitgeleend. Wij reden dan net als de afgelopen weken met ons Wobbeltje achter hen aan. Maar zelfs met een GPS kan je een beetje verdwalen want er stonden geen wegen op, alleen punten. Nu leek de hele politiemacht van Myanmar van onze aanwezigheid op de hoogte te zijn. Bij elke bemand kruispunt werden we de juiste richting uitgewezen. Dus echt uitgebreid verdwalen was helaas onmogelijk. We zagen ontzettend veel mooie plekjes onderweg waar we graag wat langer hadden willen blijven maar dat was streng verboden. De hele weg werden we door de politie gaten gehouden en de voertuigen werden elke dag meerdere malen geteld. Af en toe waren ze een beetje in paniek omdat ze er één kwijt waren. Dit bleek dan meerstal de Honda Civic te zijn...

Er waren in het totaal 5 dagen zonder rijden gepland om wat dingen te bezichtigen. Die dag zouden we de slechtste weg hebben. En nu was het zeker geen goede weg te noemen maar we vermaakten ons prima. Het was weer lekker door het zand scheuren en dit hadden we, behalve een klein stukje voor een slaapplek, al heel lang niet meer gedaan. We hoefden niet echt meer in Konvooi te rijden, alleen gelijk vertrekken binnen een marge van een half uur en dan mochten we ons eigen ritme aanhouden. Zolang we sávonds maar op de afgesproken plek waren. Dat was maar goed ook want anders zouden we door de stofwolken niets meer hebben kunnen zien. En ook hier waren de mensen weer enorm enthousiast. Tijdens onze lunchpauze kregen we zelfs stevige knuffels en dikke zoenen van een aantal lokale vrouwen.

Bij aankomst ontdekten we dat Wobbel ondertussen heel wat kieren heeft want aan de binnenkant zag ook alles grijs van het  stof... We haalden alleen de eerste laag eraf, de rest zou moeten wachten tot we wat meer energie hadden.

Na drie lange dagen rijden kwamen we in Bagan. Een klein stadje wat omringd is door duizende tempels en pegoda’s. Ineens begaven we ons tussen een grote hoeveelheid toeristen die daar naartoe gevlogen waren. We parkeerden bij een luxe hotel met zwembad wat in de enorme hitte meer dan welkom was. Hier bleven we een dagje staan en het was er geweldig. Hij was te moe om iets te ondernemen en bleef in de schaduw met een puzzeltje en een boekje. Zij ging tussen de oude pegoda’s door met de fiets en bekeek deze oude gebouwen rustig op haar gemak. Als afsluiter was er een groepsdiner in de mooie tuin van het hotel. We hadden weer wat energie en gingen uiteraard veel te laat naar bed.

In Mandalay bleven we twee dagen staan en daar verheugden iedereen zich op. Dit keer was het een stoffig veld midden in een drukke stad wat de rust niet echt ten goede kwam. En enerzijds wilden we vooral slapen maar anderzijds wilden we zoveel mogelijk van Myanmar zien nu we er eindelijk waren. We gingen mee met een geplande excursie naar een oude houten brug, twee tempels en en houten klooster. Het nadeel van zo’n excursie is dat alles op tijd gaat en er overal maar weinig tijd voor is. De brug was oud maar daarmee is ook alles gezegd. Dan was er een tempel waaromheen honderden kleine tempeltjes stonden met een deel van een boek in een plaat gegraveerd. Geschreven in de lokale taal. Misschien maar beter ook want tijd om te lezen was er niet. Bij de uitgang rookten we een sigaretje en raakte aan de praat met een oude dame die Engels lerares was. Het was een pittige Myanmarnese dame die een uitgesproken mening over de regering heeft. We hadden de hele middag wel met deze interessante vrouw willen kletsen...

Het houten klooster was erg indrukwekkend. Er was voor de tweede wereld oorlog een houten paleis met allemaal bijgebouwen. Dit klooster was vroeger ook een bijgebouw van het paleis, de koning had het aan de monniken geschonken en daarvoor verplaatst. Gelukkig maar want het paleis en de bijgebouwen zijn in de oorlog gebombadeed en allemaal verdwenen. Overal waar je maar kijkt in dit klooster zijn de muren bewerkt met gedetailleerd houtsnijwerk. Wel een beetje triest om te zien dat dit vakmanschap op meerdere plekken gerestaureerd is met spijkers dwars door de afbeeldingen heen. Na de excursie werd er een stop gemaakt bij een grote supermarkt. We kregen drie kwartier om te shoppen. Voor ons een hele gekke gewaarwording om niet eens zelf naar een winkel te hoeven zoeken. Werkelijk alles is geregeld voor de grotendeels bejaarde Duisters en we genoten er even van mee.

In de supermarkt zelf keken we onze ogen uit, alles was er te koop. Lekker stokbrood, verse melk en zelfs Goudse kaas.. Omdat Nederland economisch geen zaken wil doen met Myanmar konden we geen gebruik maken van onze pinpassen. De andere Europeanen van de groep hadden hier geen last van. Gelukkig hoorde geld wisselen  of lenen ook bij een van de facaliteiten die de reisorganisatie aanbied en konden we gewoon aangeven hoeveel we nodig hadden, zo vaak we wilden. Bij Kostya hadden we geld gewisseld om te tanken maar dit ging voor een deel op aan lekkernijen.  Tijdens ons verblijf in de stad kwamen er nieuwsgierige mensen en journalisten langs, we haalden de krant weer en de lokale tv. De lokale mensen waren ontzettend vriendelijk en we voelden ons dan ook een beetje beschaamd toen ineens het parkeerterrein afgezet werd zodat er niemand meer tussen de auto’s door kon lopen.  In India hadden we alle aandacht niet altijd als even prettig ervaring maar de mensen hier gedragen zich heel anders. Ze lopen niet zomaar je huisje in en blijven niet de hele dag voor je deur staren. Voor hen is dit konvooi ook een hele bijzondere gebeurtenis.

S’avonds kwamen er grote tonnen water zodat iedereen zijn watertank kon vullen. Wij kunnen dit alleen maar met een slang en konden hier dus geen gebruik van maken. In al de tijd dat we reizen hebben we overigens nog nooit geld betaald voor water en ook nu vertrouwde we erop dat we dit op eigen kracht wel zouden vinden. Door dit soort bezigheden kom je ook meer in contact met de bevolking. In Myanmar gooide we één keer de tank vol bij een pompstation. We kregen er een gratis fles ijskoud drinkwater bij. Later kwamen we erachter dat dit standaard is bij elke tankbeurt. Een andere keer vulde we onze watertank in de bergen bij een klein koffiehuisje. Samen met de tank van Verena en Wolfi moesten we 600 water tanken. Ondertussen met handen, voeten en ogen contact maken met de familie die het tentje runde. Toen we weggingen hadden ze voor beiden auto’s een mooie grote bloemenstruik uit de tuin gegraven...We maakten ze duidelijk dat we dit niet goed konden houden in de auto en dat het zonde was van de prachtige bloemen. Daarvoor in de plaatst kregen we een kronkeltak die we voor geluk boven de deur van ons rijdend huisje moesten hangen. Dit soort ervaringen hadden we niet willen missen...

Van deze stoffige stad gingen we naar Kalaw, een klein leuk stadje. We keken op van het enorme aantal toeristen hier. Voor mensen die met een vliegtuig komen is Myanmar duidelijk al langer erg open. S’avonds belandde we in een karaoke bar en zongen we uit volle borst mee met oude zwijmelmuziek. We konden een beetje uitslapen omdat we maar een halve dag hoefden te rijden en de meesten s’ochtends de markt wilden bezoeken. Ook zij ging voor de nodige boodschappen op pad terwijl hij sliep tot vlak voor vertrek.

Het konvooi vertrok naar Lake Inle waar we weer een dag zouden blijven voor een boottocht. Een hele dag voeren we op het meer waar mensen in huizen op palen wonen en voor toeristen weer vanalles te doen was. De vissers leken meer voor de toeristen te vissen dan voor de vis. Ze roeien met hun benen om hun handen vrij te houden en zodra er een bootje met toeristen langskwam werd er druk geposeerd.  De dag was gevuld met het bezoeken van een weverij, sigaretten en papierfabriek. Bij de laatste zaten er ook een paar zogenaamde “langnek vrouwen”. Hun nek is helemaal opgerekt door nek-ringen. Het ziet er vreemd uit en de nekspieren zijn niet meer zo stevig. Een van de vrouwen liet zien dat de helft van de ringen eraf kan zodat de nek s’nachts kan ontspannen. Direct  zakte de helft van de nek in...

De avond van te voren hadden we door moeten geven of we van een gezamelijke lunch gebruik wilden maken en moesten we kiezen uit een menu. Toen we daar aankwamen werden we volgens het gekozen menu over de tafels verdeeld, er was een vis tafel, een vleestafel en een pizza tafel.

De dagen erop waren weer lange rijdagen. Dit keer over een spiksplinter nieuwe snelweg die bijna leeg was, op wat Duiste campers na. De rit was vooral vermoeiend omdat de weg zo saai was. In de nieuwe hoofdstad van Myanmar, NayPyi, verbleven we in een luxe wijk bij een groot hotel op de parkeerplaatst. Alles wat we zagen in deze stad zag er letterlijk nieuw uit.

Vandaar naar Yangon, de oude hoofdstad die een stuk gezelliger leek. Bij aankomst werden we begroet door de medewerkers van de reisorganistatie met bloemenkransen. Op vele kruispunten werd het verkeer weer stilgelegd om ons doorgang te verlenen. We hebben ongetwijffeld de stad een hele lange file bezorgd. Daar parkeerden we op een kleine plek bij de beroemde gouden tempel. De mensen van de organistatie hadden hun  best gedaan om het passend te maken door vakken in het gras te tekenen en de nummerplaten bij elk vak te plaatsen. Nu begrepen we waarom de de maten van Wobbel door hadden moeten geven.....

De pegoda was kitch maar toch ook weer indrukwekkend. Met een roltrap kon je door de tempel naar boven waar er een plein met honderden kleinere tempels was. Het leek een compleet dorp en het was er druk met offerende mensen.

In de avond gingen we met Verena en Wolfi de stad in om naar de avond markt te gaan. Daar waren overal eettentjes waar vanallerlei voedsel uitgeprobeerd kon worden. Onze Oosterijkse vrienden probeerden gebakken krekels uit. Wij hielden het liever bij garnalen en varkensvlees....

Van Yangon gingen we een heel eind naar het zuiden en reden door leuke dorpjes en mooie natuur. We dachten vroeg op de bestemming aan te komen zodat we nog wat tijd in het daglicht zouden hebben. Op een gegeven moment roken we een naar geurtje in de cabine wat duidelijk niet van één van ons afkwam. Na wat zoeken kwamen we erachter dat de accu ontzettend heet was, de accuvloeistof was duidelijk aan het koken. We streken neer op een terrasje om de accu de tijd te geven om af te koelen. Even later kwamen Verena en Wolfi eraan en Wolfi wist direct dat dit door de regulator van de dynamo kwam. Deze hadden we gelukkig op voorraad. Hij kroop direct onder Wobbel om deze te vervangen en kwam er pikzwart weer onderuit... Gerustgesteld reden we weer verder. Tot onze grote verbazing kwamen we op onze overnachtingsplek een Italiaans stel op een motor tegen. Alle groepsleden verzamelden zich direct om hen heen want iedereen was nieuwsgierig hoe dit mogelijk was. De Italianen bleken de eerste echt zelfstandige reizigers in Myanmar te zijn. Ook deze motormuizen moesten zich aan een route houden en zichzelf elke dag melden, maar er was verder geen begeleiding. Goed nieuws voor alle overland reizigers dus!! Twee jaar geleden is er een nieuwe president gekomen en deze lschijnt het land echt te willen openen voor toeristen en zakenmensen. Het leven in Myanmar lijkt langzaam maar zeker beter te worden....

En toen kwam het einde alweer in zicht. We kregen te horen dat de geplande rustdag niet doorging omdat het laatste stuk naar de grens een eenrichtingsweg was. Deze was om de dag voor elke kant open.  De allerlerlaatste avond in Myanmar was het oudste echtpaar van het konvooi 50 jaar getrouwd. We werden allemaal getrakteerd op een heerlijk etentje. Sowieso een echtpaar om respect voor te hebben. Op 77 en 75 jarige leeftijd in zo’n tempo door de wereld rijden is een hele prestatie.

Zoals bij veel landen zijn de wegen in de buurt van grenzen het slechtst. Zo ook weer aan deze kant van Myanmar. Een asfaltweg die eruitzag als gatenkaas kronkelde door de bergen. Omdat er een vrachtwagen met panne stond was er ook nog eens een enorme file onstaan. Het verkeer van en naar Thailand is behoorlijk druk want de buiten de steden zagen we op deze weg de meesten lokale auto’s. Uren stonden we in de zon te wachten totdat we weer verder konden. We passeerden een wrak van een bus zodat hij op de valreep nog een nummerplaat van Myanmar kon scoren...

Bij de grens hielp Zaw ons naar de andere kant waar we door twee gidsen uit Thailand werden opgevangen. Na een lang proces van papierwerk regelen waren we laat in de avond op plaatst van bestemming. We zijn in een roes door Myanmar heen gescheurd. Het land is prachtig en de contacten die we hadden voelden erg goed. Dit land staat hoog op ons lijstje om op een dag terug te keren en de tijd te nemen om het te leren kennen.

De groep bleef één dagje staan waardoor we de gelegenheid hadden om afscheid te nemen van een aantal mensen. Het was een erg bijzondere ervaring om in dit konvooi mee te rijden en we hebben  leuke mensen ontmoet. Toch zijn we ook blij dat we weer onze eigen gang kunnen gaan. In Myanmar ging het konvooi wel wat sneller dan normaal maar deze,  hoofdzakelijk bejaarde, groep gaat hoe dan ook veel sneller dan wij gewend zijn.

We hebben een visum voor twee maanden en dat willen we optimaal gebruiken. Verena, Wolfi en Apollo hebben twee weken bij de grens gekregen en gingen weer een dag later richting Maleisie. Dit afscheid viel wat zwaarder na 6 weken van samen reizen....Alhoewel het vrijwel zeker is dat we elkaar ergens in Zuid Oost Azie weer tegen komen.

Ook wij vertrokken uit het grensstadje om een rustig plekje aan de rivier op te zoeken. Daar maakten we Wobbel weer schoon en rustten we vooral veel uit.

Weer helemaal bijgekomen zullen nu eerst Noord Thailand gaan verkennen...................

 

NB: Onder button video staan weer nieuwe filmpjes.....

 

 

 

Foto’s

4 Reacties

  1. Yvonne de Jong:
    16 maart 2013
    wooowh Jongens wat een ongelovelijk prachtig rijk leven hebben jullie toch!!
    <3 ik heb weer volop mee genoten van je vertellingen Mar thanxxx for sharing <3
  2. Ursula:
    17 maart 2013
    Wauw, wat een heerlijk verhaal vol mooie avonturen. Ik heb er wederom van genoten! Jullie ongekende interesse in de lokale bevolking fascineert me. Heel veel plezier in Noord Thailand :-).Veel liefs vanuit Cusco. Knuffels Xx
  3. Toon, Monique, Ilana & Myronne:
    25 maart 2013
    Lieverds,

    Ik heb weer genoten van jullie gave avontuur in Myanmar!! Jullie krijgen snel weer een update mail van onze kant!

    Xxxx
    Monique
  4. Koos van der Maden:
    15 april 2013
    Wat een prachtige verhalen en wat maken jullie ook veel mee. Ik ken dergelijke verhalen van Iris en Roderick, die jullie ondertussen hebben ontmoet. Ik ben zelf van plan om ze te bezoeken in Australié als ze daar zijn. Ik vind het leuk dat jullie een tijdje? met elkaar optrekken.